Categorieën
Biografieën Geschiedenis

Fré Cohen

Fré en zusje Fie in ongeveer 1908

Fré Cohen wordt op 11 juli 1903 geboren als oudste dochter van de in Gouda geboren diamantbewerker Levie Cohen en Esther Sarlie, die beiden op 14 augustus 1902 in Amsterdam getrouwd zijn. Er zullen nog twee kinderen volgen: zus Sophia (1906), die de oorlog overleeft, en Bernard Henri (1912, reiziger in manufacturen en schilderijenrestaurateur), die in februari 1945 in kamp Bergen-Belsen overlijdt.

Het gezin woont in de jeugd van Fré en na de geboorte van Sophia enige tijd in België (Berchem), waar in 1912 Bernard Henri geboren wordt, en woont vanaf 1914 weer in Amsterdam. In eerste instantie woont het gezin op Swammerdamstraat 66, en vermoedelijk 1924 of 1925 verhuist de familie naar het zojuist gereed gekomen pand Zaaiersweg 125.

Draka advertentie uit 1923, mogelijk door Fré Cohen

In ieder geval in 1933 verhuist de familie naar de Saffierstraat 37-1 in de Transvaalbuurt. Fré woont dan vermoedelijk nog bij haar ouders. In 1936 verhuist zij naar een eigen adres op Eerste Oosterparkstraat 11-1. Zus Sophia is dan al de deur uit. Zij trouwt in 1929 met een Duitser, Carl Paul Walthemate, en gaat ook in Duitsland wonen. Het huwelijk loopt echter op een scheiding uit. Het is niet helemaal zeker of Bernard Henri ook meeverhuist naar de Transvaalbuurt. Hij trouwt in ieder geval in 1937 met de in Hoorn geboren Naatje de Beer, die de oorlog zal overleven.

Ontwerp voor Querido

Van de jeugd van Fré weten we weinig. Ze is de 20 al gepasseerd als ze in Betondorp komt wonen. Wim Bijmoer, een andere grafische coryfee uit de socialistische hoek, die vanaf zijn tiende jaar ook op de Zaaiersweg woonde, herinnerde zich Fré als iemand die altijd vrolijk was. Fré heeft vanaf haar vroege jaren belangstelling voor tekenen. In 1921, dus nog voor de verhuizing naar Betondorp, gaat ze bij de Draka fabriek werken aan de Boorstraat in Amsterdam Noord. Daar gaat ze aan de slag met het ontwerpen van advertenties. In het jaar 1923 gaat de Draka bezuinigen op de advertenties, en Fré neemt nu een baan aan bij de socialistische uitgeverij Ontwikkeling, die in 1929 fuseert met een aantal socialistische partners tot de Arbeiderspers, een uitgeverij die vandaag de dag nog steeds bestaat als boekenuitgever als onderdeel van Singel Uitgeverijen. Fré maakt ook boekbanden voor uitgeverij Em. Querido en vergroot haar kennis door diverse cursussen te volgen, onder andere bij de Kunstnijverheidschool aan de Gabriël Metsustraat, waar ze het einddiploma Grafiek behaalt.

Langzaam maar zeker ontwikkelt Fré een eigen, zeer kenmerkende stijl, die deels op De Stijl gebaseerd is, deels op de Amsterdamse School en deels op een eigen interpretatie daarvan. Fré werkt veel voor socialistische uitgaven, onder andere voor het AJC, en is van 1929 tot 1932 bij de Amsterdamse Stadsdrukkerij in dienst en later als zelfstandige zal ze nog veel opdrachten voor de Gemeente Amsterdam doen. Verder krijgt ze opdrachten van allerlei kanten en maakt onder andere ex-libris en in de oorlog ansichkaarten naar eigen ontwerp.

Wanneer de Duitsers binnenvallen, weet Fré dat het mis is. Nog enige jaren weet zij buiten schot te blijven en duikt onder in Hengelo. Zij wordt daar echter verraden en op 10 juni 2022 bellen twee Jodenjagers aan de voordeur aan. Arrestatie is onvermijdelijk. Fré Cohen vraagt de twee Jodenjagers of ze nog even naar de WC mag. Daar neemt ze de gifpillen in die ze voor een dergelijk geval altijd bij zich heeft. Enkele dagen later, op 12 juni 1943, overlijdt ze in het Gerardus Majella ziekenhuis te Hengelo en wordt aldaar begraven op de kleine Joodse begraafplaats.

Categorieën
Nieuws Nieuws en interviews

Voorbereidingen Betondorp 100 jaar

De voorbereidingen voor de viering van het 100-jarig bestaan zijn inmiddels onder leiding van Dynamo begonnen. Het is de intentie van het Stadsdeel dat deze welzijnsorganisatie de door diverse organisaties te ontplooien activiteiten coördineert. Overigens staat onze website, www.betondorp100.nl, los van Dynamo. Wij proberen op onze beurt vooral samen met de bewoners van Betondorp in 2024 een mooie geschiedenissite aan Betondorp te kunnen aanbieden, door middel van het schrijven van artikeltjes en het houden van interviews. Wanneer hier ook nog een aardig boekje uit voort zou vloeien over de geschiedenis van 100 jaar Betondorp, zouden we helemaal tevreden zijn. Maar dat valt nog te bezien.

Categorieën
Nieuws Nieuws en interviews

Henny’s Herrie en Bluesbird op de Brink

Henny Wieffering op de gitaar

Vandaag, zaterdag 6 augustus 2021, wordt er weer muziek gemaakt op de Brink tussen 1 en 3 uur ’s middags. Deze keer treden Henny’s Herrie en Bluesbird op. Verder zijn er allerlei activiteiten mee te maken, zoals de afsluiting van de Pride 2022 Betondorp, waar we nog niet eerder over vernamen.

Wie alvast meer wil weten van Henny’s Herrie, de band van Henny Wieffering, die klikt hier. Over Bluesbird konden wij op het Internet niet zo gauw iets terugvinden.

Deze middagen worden georganiseerd door Betondorp Live!, iedere zaterdag t.m. 27 augustus 2022 op de Brink.

Categorieën
Interviews Nieuws en interviews

Andy Knijpinga brengt mensen bij elkaar

Door Rogier Schravendeel

Sinds 2018 woont hij nu in Betondorp, Andy Knijpinga, de man van Stichting Maatwerk en de Partij van de Dialoog. Tijd om Andy eens te interviewen in deze nieuwe reeks gesprekken met bewoners van Betondorp, in opmaat naar het 100-jarig bestaan! Wie is Andy?

Andy is in 1961 geboren in de President Brandtstraat in de Transvaalbuurt in Amsterdam Oost, als lid van een groot gezin. “Ik had vijf zusters en twee broers. En ook een doodgeboren kind. Eigenlijk waren we dus met zijn negenen.” Alhoewel het gezin geen typische categorale geloofsachtergrond heeft, was volgens Andy het geloof altijd wel aanwezig in het gezin, vooral bij moeder, en werd Andy ook naar een christelijke school in dezelfde straat gestuurd. De in Rotterdam geboren vader van het gezin Knijpinga zat in eerste instantie net als de hele familie Knijpinga in de confectie. Nadat hij als dienstplichtig soldaat terugkwam uit Indonesië, ging hij op termijn bij de gemeente werken in het toezicht en het beheer. De belangstelling voor gemeentelijk beheer van de wijk heeft Andy dus niet van een vreemde.

Nadat de familie van de Transvaalbuurt naar de Overtoom verhuisd was en Andy na de basisschool diverse administratieve opleidingen volgde en ook even naar het Ondernemerscollege ging, kwam hij in de tweede helft van de jaren zeventig vrij voor de arbeidsmarkt, waar hij een heel scala van banen invulde, waarbij echter de zorg voor de familie en het gezin een belangrijke rol in bleef nemen. Al op school was het niet onopgemerkt gebleven dat Andy een groot sociaal hart had en de schooldecaan voorspelde al dan hij ooit met mensen zou gaan werken. Het zeer uiteenlopende o.a. schoonmaak- en productiewerk ter ondersteuning van het gezin, waar behalve Andy de een na de ander uitvloog, bracht de toekomstige zorgondernemer daarbij een schat aan mensenkennis bij.

Berdien Stenberg inspireerde Andy tot het oprichten van een eigen stichting.

Een schokkend moment vond plaats in 1990, toen Andy zijn eigen vader dood moest aantreffen op nog maar 64-jarige leeftijd. Het begon rustig te worden in huis en Andy bleef op termijn alleen met moeder over. Eind jaren negentig werd de stap naar Almere gewaagd, waar al meerdere familieleden woonachtig waren.

Er gaat hier een nieuwe wereld voor Andy open en Andy voelt zich genoodzaakt zich steeds sterker te gaan inzetten voor het publieke belang; in eerste instantie in Muziekwijk, waar de kerngezinnetje woonachtig is. Andy begint zich ook met politiek te bemoeien en met de gang van zaken rond overheidsbestedingen, beheer van de openbare ruimte en vele andere zaken. De doorbraak komt tot stand wanneer Andy als voorman van een beherende partij tot het inzicht komt dat er op de werkvloer sprake is van integriteitsissues waar niets aan gedaan wordt. Corruptie, zeg maar. “Dat kan zo niet,” besluit Andy, en hij besluit zijn nek uit te steken om de zaken op tafel te krijgen.

Vanaf dat moment is Andy in voortdurend contact met diverse politieke partijen in Almere en richt op advies van de beroemde dwarsfluitiste Berdien Stenberg, op dat moment wethouder voor het CDA, Stichting Maatwerk Wijkondersteuning Almere op, om op die manier ook op een praktische manier ondersteunend bezig te kunnen zijn in zijn eigen buurt. Tegelijkertijd richt Andy ook een eigen politieke partij, de Partij van de Dialoog.

Wijkondersteuning in Almere
Goede relaties met de politiek

In 2014 doet Andy voor de eerste keer mee met de verkiezingen. Alhoewel nauwelijks ondersteund door publiciteit weet mensenman Knijpinga toch gemakkelijk enige honderden stemmen te verkrijgen. Het is echter helaas niet voldoende om zitting te nemen in de Gemeenteraad van Almere. De Partij van de Dialoog bleek echter krachtig genoeg om te overleven en nam in 2022 aan de Amsterdamse stadsdeelraad-verkiezingen deel. Hoe dit ook zij, in Almere komt Andy ook in aanraking met Annemarie Jorritsma, die hij van heel veel goede adviezen voorziet, waarmee – het moet gezegd worden – niet altijd direct iets wordt gedaan. Het zijn de regels en wetten die een krachtdadig optreden van Stichting Maatwerk soms in de weg staan. De wil en de politieke relaties zijn echter goed en worden steeds beter in de loop der tijden.

Annabel Nanninga, sterke vrouw
Carolien de Heer: stadsdeelvoorzitter!

In 2018 lukt het moeder Knijpinga met Andy naar Betondorp te komen, een grote buitenkans. Andy is als verzorger van zijn moeder inmiddels zelfstandig en heeft direct een goed contact met gebiedsmakelaar Broer Soolsma, die hem aanspoort en zegt: “Er is geld genoeg beschikbaar voor iemand met jouw ideëen!” Helaas overlijdt Broer Soolsma volkomen onverwacht in 2019 en wordt opgevolgd door Fred Scheepmaker, waar weer een nieuwe relatie moet worden opgebouwd. Hetzelfde geldt voor de wel heel recente wisseling van de wacht: Maarten Poorter die vervangen wordt door Carolien de Heer. Ook op gemeentelijk niveau heeft Andy inmiddels sterke ondersteuning om zijn plannen in Betondorp waar te gaan maken, in de persoon van niemand minder dan Annabel Nanninga, de sterke vrouw van JA21. Ook Annabel is er van overtuigd dat er geld en ruimte voor de plannen van Andy moeten worden ingericht.

Wat zijn die plannen van Andy dan? Allereerst zoekt Andy een ruimte. Zoals iedereen weet is die in Betondorp uiterst schaars gezaaid. Op het ogenblik worden gesprekken met diverse partijen gevoerd. Maar wat is dan de bedoeling precies? Het beste kan dat geïllustreerd worden aan de hand van onderstaand schema dat Andy ons aanreikte. Een mooi programma ter ondersteuning van de buurtbewoners die dat nodig hebben op allerlei gebied.

Ambitieus programma

Gaat het Andy lukken om bovenstaand programma te realiseren? We hopen van harte van wel. Wat mij persoonlijk betreft heb ik ook besloten Andy een handje te gaan helpen, want het is overduidelijk dat hij een enorm hart voor de buurt heeft en ook echt iemand die geliefd is bij de mensen vanwege de menselijke maat die hij hanteert. Of het allemaal gaat lukken, moeten we nog zien. In ieder geval hoeven we ons geen zorgen te maken of Andy wel genoeg te doen heeft, want uit Almere is het verzoek gekomen om mee te denken bij het ondersteunen van Oekraïense vluchtelingen die aan de slag willen. Hoe een en ander ook zij: we wensen Andy alle geluk en succes toe bij de zaken die hij in Betondorp tracht te ondernemen, want hij is ons een mens gebleken met het hart op de juiste plaats!

Categorieën
Biografieën Geschiedenis

Wim Bijmoer

Wim (Wilhelmus Gerardus) Bijmoer wordt geboren op 24 juli 1914 op de Tweede Schinkelstraat 12 en overlijdt op 29 september 2000. De vader van Wim is stucadoor en later bode bij een bank en zijn moeder is afkomstig uit Oegstgeest. Wim heeft twee broers en woont vanaf zijn tiende jaar in het zojuist gereedgekomen Betondorp aan de Zaaiersweg, vlakbij het huis van Fré Cohen, die hij zich als een uiterst vrolijk iemand herinnert. Hij is al vroeg gefascineerd door het tekenen en raakt al vroeg betrokken bij de A.J.C. (Arbeiders Jeugd Centrale), waar hij ook zijn toekomstige vrouw, Hermanna Voerhuis, ontmoet. De A.J.C. staat onder leiding van Koos Vorrink en is gelieerd aan de S.D.A.P.

Wim en Tantje Jet treden in 1937 op bij de Kerstmatinée van de AVRO

Wim leert ook via de A.J.C. de wat oudere onderwijzeres Henriette Bonn (tante Jet) kennen, die dan nog in de Tranvaalbuurt woont en al jaren actief is als poppenspeelster voor onder andere de S.D.A.P. Op zeventienjarige leeftijd (ca. 1931) maakt Wim met tante Jet zijn eerste voorstelling, en samen gaan ze door met het poppenspel tot de Tweede Wereldoorlog. Henriette Bonn wordt dan op grond van haar Joodse achtergrond door de nationaalsocialisten opgepakt en in Sobibor vermoord. Voor Wim is dit een aanleiding om definitief met het poppenspel te stoppen.

In 1931 komt Wim bovendien in het nieuws met zijn inzending bij een prijsvraag van de Amstelbode. Alhoewel Wim op procedurele gronden afvalt omdat hij zijn naam niet volledig heeft opgegeven, vindt het weekblad zijn inzending (hieronder) zo aardig, dat deze als kop van het aan de prijsvraag verbonden artikeltje wordt opgenomen.

Wim gaat na enige opleidingen, waaronder de Kunstnijverheidschool, gedaan te hebben, in de jaren dertig werken bij Het Jonge Volk, het blad van de A.J.C. en is ook betrokken bij de socialistische Arbeiderspers. Vanaf ongeveer 1935 wordt zijn naam voortdurend in de socialistische media genoemd als fris en vernieuwend illustrator. Ook ontwerpt Bijmoer decors voor socialistische jeugdspelen. Daarnaast werkt Wim in de reclame. In mei 1940 verhuist Wim naar Diemen.

In de oorlog werkt Wim voor de illegale Parool-groep en duikt onder. Direct na de oorlog komt hij op de redactie van het blad de later beroemde kinderboekenschrijfster Annie M.G. Schmidt tegen. Samen zullen zij in de jaren vijftig een groot aantal boeken uitgeven, waarbij Wim de illustrator van Annie is. Verder doet hij onder andere journalistiek werk voor het Parool, illustreert ook voor andere kranten en is lid van het journalistencabaret Inktvis (1947-1950).

Wim en Annie

Een rijke carriere volgt. Wim raakt via zijn decorwerkzaamheden ook betrokken bij de televisie, waar hij onder andere werkt voor Ja Zuster – Nee Zuster, de Film van Ome Willem, de Late Late Lien show en nog vele andere producties. Ook werkt hij voor het Scapino Ballet. Sinds 1954 woont hij in Egmond aan Zee.

Wim werkt aan Het Schaap met de Vijf Poten

Na zijn pensionering probeert Wim actief te blijven, maar vanwege problemen met zijn ogen kan hij de laatste tien jaar van zijn leven niet meer werken. Hij overlijdt op 29 september 2000 op 86-jarige leeftijd.

Categorieën
Geschiedenis Geschiedenis 1931-1940

Karel Beton

Op zijn elfjarige leeftijd, in augustus 1932, debuteert Karel van het Reve in de Tribune, het communistisch dagblad, met twee artikeltjes over communistische jeugdkampen. Als pseudoniem heeft hij de naam Karel Beton gekozen. Voor de aardigheid nemen we hieronder het tweede stukje van de latere hoogleraar uit de Ploegstraat volledig over. Zoals bekend zou Van het Reve in 1948 afscheid nemen van het communisme en werd hij er later een vrij verklaard tegenstander van. Dat is in onderstaand stukje nog niet het geval.

DE KINDERTRIBUNE

PIONIERS IN HET KAMP

Van tranen en vuile jurken

´t Is Zondagochtend. De pioniers treden aan bij de kampvlag.

“Hebben we nou óók ochtendgymnastiek?” vraagt een pionier aan z’n leider. De leider haalt zijn schouders op. “Waarom zouden we geen gymnastiek hebben?” “Nou… eh… ’t is toch Zondag…” “Ben je mal! Hier in ’t kamp houden we er geen Zondag op na, hoor! Of dacht je soms, dat we inplaats van gymnastiek naar de kerk zouden gaan?” “Nee, natuurlijk niet!”

Intusschen zijn alle pioniers bij de kampvlag gearriveerd. Ernst blaast op zijn fluitje. Alle pioniers zijn stil…

De Tribune, 19 augustus 1932

“Pionieren,” zegt Ernst, “zooals jullie wel zullen weten, komen er vandaag een heeleboel vaders en moeders in ’t kamp. Nu raad ik alle pioniers aan, wier ouders niet zijn gekomen, om maar flink te gaan grienen…”

“Ha! ha!” lacht een pionier, “dan kan ik wel een beddelaken huren, want ik kan nu al wel beginnen met grienen: m’n moeder heeft vooruit gezegd, dat ze niet kwam!…”

Daar gaat de vlag de hoogte in. De pioniers zingen de Internationale. Daar staat bij de kampvlag een heel klein pioniertje. Hij heeft een koek op de arm! “Wat zou dat beteekenen?” vragen de pioniers zich af. Maar al gauw krijgen ze het in de gaten. “Hij is jarig!” roept iemand. Nu klonk het al gaus: “Lang zal-ie leven!… Lang zal-ie leven in de gloria! enz.”

Daarna gingen we naar gymnastiek. Toen we een tijdje bezig waren, zuchtte een pionier: “Hé, hé, ik begin nou pas goed wakker te worden…” Eens kregen we een oefening waar we bij moesten zitten. Nu, de meeste pioniers ploften dadelijk neer, want ze waren moe geworden. Maar één meisje was er, die wou niet gaan zitten… “Wat zullen we nou hebben?” dacht de R.S.E.er die ons les gaf. “Zeg es, jij daar,” riep-ie. “Waarom ga je niet zitten?” “M’n jurk wordt zoo smerig”, klaagde ze. “Wel nu nog mooier!” riep de R.S.E.er, “waarom zijn we hier gekomen, pioniers, om onze jurken vuil te maken of schoon te houden?!” “Vuil te maken!” riepen alle pioniers. Nu vuil zijn ze ook wel geworden.

KAREL BETON

Categorieën
Biografieën Geschiedenis

Annie Averink als pionier uit Betondorp naar Artek op de Krim

Annie in 1943

Hanna Jacoba Averink uit Betondorp (de familie arriveert hier vanuit de Indische Buurt in ca. 1928), ook wel Annie Averink genoemd, is 17 jaar oud wanneer ze in 1930 als begeleidster van twee kinderen van 14 en 15 jaar vanuit de Communistische Jeugdbond de Zaaier uitgezonden wordt om een internationale ontmoeting van pioniers in Berlijn bij te wonen. Het is haar eerste ervaring. Annie wordt als groot talent in de communistische beweging gezien en ze is zeer ondernemend. Wanneer de pioniersontmoeting in Berlijn afloopt, reist Annie, die het als kind uit het eerste huwelijk van haar moeder thuis niet zo fijn had, onverwacht in haar eentje met een Russisch schip vanaf Hamburg verder naar Leningrad en van daar naar pionierskampencomplex Artek, in de Krim. Hier leert ze de latere Nederlandse CPN-partijvoorzitter Paul de Groot kennen, die ook voor het eerst in het buitenland is. Blijkbaar maakt Annie ook hier een uitstekende indruk. Ze wordt van 1933 tot 1935 door de partij naar de Leninschool gestuurd, in Moskou, waar het internationale kader van de sovjet-communistische partij geschoold wordt in het marxistisch-leninisme, maar ook in meer praktische vakken als bijvoorbeeld spionage. Daar zal ze later haar voordeel mee doen.

Na terugkeer in Nederland – waar ze in Betondorp tot de kleine communistische cel 801 behoort, net als de familie van het Reve – moet Annie weer gewoon aan het werk – ze werkt in een atelier voor lampenkappen – maar haar werkelijke leven speelt zich binnen de communistische partij af. Zo wordt zij in 1939 aangesteld om om infiltranten binnen de Communistische Jeugdbond te identificeren; ‘Gegnerarbeit’ wordt dat genoemd. Daarnaast reist ze Nederland door om het samenwerkingsverband tussen Nazi-Duitsland en de Soviet-Unie uit te leggen: beide landen hebben zojuist Polen geännexeerd.

In de Tweede Wereldoorlog duikt Annie onder en wordt actief als ‘mevrouw Bakker’. Ze houdt zich bezig met verzetswerk en krijgt daarbij steeds meer verantwoordelijkheden, zoals het verspreiden van de illegale krant De Waarheid en het geven van instructies voor gewapende verzetsacties. Na de oorlog is Annie een getrouw volgeling van communistisch voorman Paul de Groot. Ze blijft meestal achter de schermen. Na het mislukken van haar huwelijk met partijgenoot Cor Fels, hertrouwt ze met Eep van Ommeren, van wie ze drie kinderen krijgt. Annie reist veel naar communistische landen, ongetwijfeld om daar inspiratie op te doen. Zo bezoekt ze niet alleen Tsjechoslowakije en Rusland, maar brengt ook geruime tijd in China door – waar ze Mao en Deng Xiaoping ontmoet – en instrueert de Indonesische communisten.

Paul de Groot

In Nederland wordt Annie in de Haarlemse gemeenteraad gekozen en later in Eerste en Tweede Kamer. Zij zal zich altijd een getrouw aanhanger van Paul de Groot blijven tonen bij de diverse botsingen die in de communistische wereld met name na de onthulling in 1956 van de misdaden van Stalin door Chroetsjev plaatsvinden. Ze schrijft onder andere een lyrisch boek over de verworvenheden van het communisme onder Mao, China werpt het juk af.

Peking! Welk een begrip is deze naam geworden voor de progressieve mensen, voor de nog onderdrukte volkeren in de wereld! Peking, het levende centrum van het nieuwe China, is het symbool van het land dat zich sinds kort voor altijd heeft bevrijd van feodale achterlijkheid en de kolonialistische ketenen.

Eind jaren zestig vertrekt Averink uit de Nederlandse politiek. Op haar sterfbed in 1991 op 77-jarige leeftijd moet ze toegeven dat het socialistisch ideaal nergens verwezenlijkt is. Concluderend dat het nergens iets geworden is, adviseert ze haar dochter zich voortaan te richten op de mensen direct om zich heen.

Categorieën
Geschiedenis Geschiedenis 1991-2000

Stelende bejaarden

In september 1995 ontstaat een rel in Betondorp naar aanleiding van een interview in Trouw met supermarktondernemer Ruud Duiker, die de A-markt in het dorp exploiteert. Duiker klaagt namelijk over de enorme hoeveelheid diefstallen die in zijn winkel worden begaan. Volgens hem kost dit hem ongeveer 700 gulden per week, zo’n 35.000 gulden per jaar. “Je bent meer politieagent dan ondernemer,” stelt de A-markt exploitant. Volgens hem wordt driekwart van het gestolen bedrag bovendien door bejaarden uit de buurt gestolen.

De ondernemer stelt dat toen hij drie jaar geleden begon, diefstallen vooral gepleegd werden door jongeren, junks en alcoholisten. Inmiddels is dat totaal veranderd volgens de ondernemer, en zijn het vooral AOW-ers die met hun inkomen niet rond kunnen komen, die bij hem in de winkel proletarisch komen winkelen. Duiker noemt vele voorbeelden van betrapte bejaarden, die na de toegang van de winkel ontzegd te hebben gekregen, de volgende dag gewoon weer terugkomen om hun roofzuchtige praktijken voort te zetten.

Het interview in het landelijk dagblad wordt de ondernemer in het dorp niet in dank afgenomen. “Die man moeten ze in het kruis schoppen,” aldus de reactie van een Betondorper in een volgende uitgave van het dagblad. “Je gaat achter de rug om toch niet je klanten beschuldigen? Terwijl hij het juist van de oude mensen moet hebben. Nu krijgt hij helemaal geen klanten meer.” Diverse bejaarden worden door de kwaliteitskrant geïnterviewd. Allen ontkennen ten stelligste dat Betondorpse bejaarden stelen. “Dat doen bejaarden niet, dat doen alleen buitenlanders,” is de tendens. “Bejaarden stelen niet. Ze hebben vroeger armoede gekend en gevochten om het beter te krijgen. Het lijkt me allemaal overdreven.

De eigenaar van de A-markt weigert verder commentaar te geven en gaat over tot de orde van de dag: het bewaken van zijn spulletjes.

Categorieën
Geschiedenis Geschiedenis 1924-1930

Betondorp: allesbehalve plezierig

Uit De Tribune van 19 mei 1924:

Het Betondorp te Watergraafsmeer.

Allesbehalve plezierig is het daar.

(P.) Het moet waarachtig weer De Tribune zijn, die het opneemt voor de arbeiders, ditmaal voor de gedupeerden in het betondorp in de Meer. De bouw daar, schiet niet op, hier en daar zijn stukjes bewoond. De bewoners hebben behalve veel last van het vocht, buitengewoon veel hinder van het opgejaagde stof van de om hen of helemaal niet in aanbouw zijnde huizen en van half of helemaal niet aangelegde straten.

De buurt ligt bovendien geheel geïsoleerd. Een verkeersweg naar de Keulschevaart ontbreekt nog altijd. Wie de bushalte bij de Duivendrechtse brug wenscht te bereiken, kan dit slechts doen, door door de klei te baggeren en door langs de gebrekkige rails van de transportwagentjes omhoog te klauteren. De verbinding met de stad is in elk opzicht onvoldoende. De Gooische stroomtram stopt thans op den Middenweg ter hoogte van het betondorp. Echter een ritje daarmee, wat je niet verder brengt dan het W.P.-station, kost je 15 cent. En dan gaat dit trammetje misschien slechts 10 keer per dag. De particuliere autobus Diemen-Amstelhotel is onvoldoende en kost ook 15 cent per rit. Van dezelfde onderneming rijdt ook een bus Diemen-Pretoriusstraat. Als je bij de Pretoriusstraat bent, zit je nog aan den rand van de stad. Bovendien gaat deze bus slechts om het uur!

Gooische stoomtram (links Betondorp). Foto Stadsarchief Amsterdam

Ja, de gemeentebus oftewel de Kraaienknip! Dat ding doet maar net of er nog geen betondorp bestaat. Gaat nog altijd niet verder dan tot de ingang van de Oosterbegraafplaats. Maanden terug nam de gemeenteraad reeds een voordracht aan om dit vervoermiddel door te trekken.

Nu is er een voordracht verschenen voor een nieuwe buslijn Betondorp-Amstelhotel. Wij wezen er reeds op dat deze verbinding misschien wel goedkooper is dan de particuliere lijn, doch die in ieder geval de bewoners niet verder de stad in brengt.

De bezuinigingsmanie van B. en W. de oorzaak? De bewoners van het betondorp en van andere bouwblokken in deze buurt denken er niet aan, zich voor dat bezuinigingskarretje te laten spannen. Hun belastingcentjes worden net zoo goed opgevorderd als van de bewoners van andere buurten. En de huren? Daarover zullen we de volgende week wel iets schrijven. Ook over het gebrek aan een badinrichting, het ontbreken van brandweer, geneeskundigen dienst, postkantoor, enz. enz. Tot volgende week dus.

Categorieën
Geschiedenis Geschiedenis 1991-2000

Trammoord

Op zaterdag 24 november 1991 wordt de 53-jarige Betondorper A. van Veen onder toeziend oog van tientallen passagiers in lijn 9 door twee personen doodgestoken. Ook zijn 52-jarige echtgenote wordt geslagen en in haar rug gestoken. Volgens het GVB is tegen dit zinloze geweld niets te beginnen. Verdachten zijn twee negroïde personen, aldus de politie, tussen 25 en 30 jaar oud, de een brildragend en de ander met een pet, die met veel kabaal de tram ingestapt zouden zijn, waarop de trambestuurder de passagiers waarschuwde voor zakkenrollers. Toen Van Veen de waarschuwing tegen zijn vrouw herhaalde, zouden – aldus het verslag in de Telegraaf – de daders op hem afgekomen zijn om verhaal te halen. Hierbij onstond een worsteling waarbij Van Veen dodelijk in zijn borst getroffen werd. De beide daders verlaten daarop de tram. Alhoewel de politie een intensieve speurtocht opzet, worden ze niet gevonden.

Het is een sombere tijd in Amsterdam. De multiculturele samenleving heeft vooralsnog niet het resultaat opgeleverd dat er van verwacht werd, en het is de tijd van de opkomst van politieke partijen als de Centrumpartij en de Centrumdemocraten. Het Parool gaat poolshoogte nemen in Betondorp en de stemming is daar bepaald bedrukt. De sentimenten zijn duidelijk anti-buitenlander in de diverse klachten die de krant in de buurt ophaalt. Met name een oud-CPN-er lucht zijn hart bij de verslaggever.

Voor een bewoner, die al zeventien jaar in het rooie dorp woont, is Betondorp allang Betondorp niet meer. “De Centrumdemocraten zijn hier sinds de laatste verkiezingen de tweede partij. Vindt u ’t gek? Steeds meer buitenlanders, steeds meer criminaliteit. Die gozers in de tram waren volgens de politie ook negroïde types. Ik weet zeker dat de Centrumdemocraten straks nummer één is, net als in Antwerpen.

Zijn vrouw valt hem bij. “Je ziet hier nooit een agent. Nooit. Het loopt helemaal uit de klauwen. Iedereen loopt tegenwoordig maar met een mes op zak. Ik durf op zaterdagmiddag de tram niet meer in. De overbuurvrouw ook niet. Sinds ze op lijn 9 twee keer is beroofd, gaat ze elke dag met de taxi naar het verpleeghuis.”

Haar man vertrekt liever vandaag dan morgen uit Amsterdam. “Ik ben hier geboren en getogen, maar als ik naar Monnickendam kon verhuizen, deed ik het. Direct. Alles verpaupert toch? Ik heb m’n leven lang CPN gestemd, maar straks kies ik uit protest voor Janmaat. Zodat de hoge heren misschien eens wakker worden en zich iets gaan aantrekken van de werkelijke problemen. Want er is hier zo langzamerhand wel een oorlog aan de gang.”

Volgens welzijnswerker Jan van de Vegt van het wijkcentrum valt het juist reuze mee in Betondorp. Er bestaat wel degelijk gajes in de buurt, maar dat zijn juist de mensen die met een grote smoel altijd naar buitenlanders wijzen.

Inmiddels weet de politie maandag 2 december in de Amsterdamse binnenstad een 37-jarige man te arresteren die verdacht wordt betrokken te zijn geweest bij de steekpartij. Er is een beloning van fl. 25.000 uitgeloofd voor tips die naar de dader leiden, en achttien getuigen hebben zich gemeld. De aangehouden man ontkent echter iedere betrokkenheid en wordt uiteindelijk door de politie vrijgelaten. Volgens een ingezonden brief in Het Parool zou Van Veen overigens een hartaanval gehad hebben en was er dus in het geheel geen sprake van moord.

En zo eindigt het verhaal van de trammoord. Wel stelt minister Maij-Weggen in de eerste helft van 1992 een bedrag van 150 miljoen gulden ter beschikking voor projecten tegen agressie in het openbaar vervoer. De veiligheid van het personeel en de passagiers van het openbaar vervoer is al geruime tijd onderwerp van discussie en het geweld, ook tegen het controlerend personeel, loopt de spuigaten uit.