Categorieën
Geen categorie Geschiedenis 1951-1960

CPN Betondorp vierkant achter royement Wagenaar en groep

Gerben Wagenaar
Paul de Groot op het spreekgestoelte

Na de Tweede Wereldoorlog begint Paul de Groot zich net als Stalin steeds meer als alleenheerser te ontpoppen in de CPN. Concurrent Gerben Wagenaar wordt na een conflict over de rol van de zogenaamde Eenheid Vak Centrale (een communistische mantelorganisatie die zich profileert als algemene vakbond) meedogenloos aan de kant gezet. De afdeling Betondorp stelt zich in 1958 als een blok achter de beslissing van de partijleiding onder aansturing van Paul de Groot, om Wagenaar te royeren.

Categorieën
Geschiedenis 1931-1940

Groen van Prinstererschool

We schreven al eerder over de onvolprezen website Een kleine heldendaad. Van deze website nu nemen we de volgende gegevens over wat betreft scholen in Betondorp. In eerste instantie worden in 1920 door B&W drie scholen voorzien voor de nieuwe buurt. De eerste school, de Pieter Nieuwlandschool, kwam in 1924 gereed. Omdat de school al zeer spoedig teveel leerlingen telde, werd al in 1925 een tweede school ingericht in het grote, door architect Nicolaas Lansdorp ontworpen gebouw aan het Zuivelplein, de Rooshenburgschool. In 1926 werd al de derde school op het Zuivelplein geopend, de Daniël Stoopendaalschool.

Intussen werd een nieuw gebouw, ook door Lansdorp, gerealiseerd aan Huismanshof 11, waar de Daniël Stoopendaalschool al eind 1926 in trok. In hetzelfde gebouw opende in 1927 de Watergraafsmeerschool op Huismanshof 13. Ook hier had Betondorp niet genoeg aan in de jaren twintig, en terwijl de vijf andere scholen uit hun voegen begonnen te barsten, werd in 1929 in het plantsoen van de Duivendrechtselaan de zesde school van Betondorp opgericht, de Hartvelderschool. In deze laatste school zaten ook twee klassen van Hervormden, wat zich in 1931 resulteerde in de Groen van Prinstererschool in de Verlengde Landbouwstraat.

Lees verder over de scholen in Betondorp op Een kleine heldendaad.

Categorieën
Geschiedenis 1951-1960

Jan Mens en Egmond

Eind jaren vijftig is de Betondorpse romanschrijver Jan Mens wel op het toppunt van zijn roem. Uit een interview met het Algemeen Dagblad van 6 september 1958 blijkt dat de schrijver erg gesteld is op de omgeving van Egmond, en met name Egmond aan Zee.

`Ik vind Frankrijk een mooi land,` zo mijmert de schrijver `Londen een prachtige stad en af en toe wil ik best wel Parijs weer eens zien. Maar mijn vakantie breng ik in Egmond door. Al veertien jaar lang. En steeds in dezelfde tijd, namelijk in de maand juni.´

Mens heeft de indruk in Egmond aan Zee met zijn vrouw als echte Egmonders geaccepteerd te worden. Hij wil op vakantie het zout van de zee proeven. Dit komt ook omdat Jan Mens uit een familie komt – zo heeft hij uitgezocht – die tot in de loop van de achttiende eeuw sterk aan de zee verbonden was.

De reden om voor juni te kiezen heeft er mee te maken dat de prijzen in Egmond in juni nog relatief laag zijn. Jan blijkt ook bezig te zijn met een jeugdroman die in Egmond speelt – wij konden de titel er 1-2-3 niet van achterhalen. Aangezien de familie van mijn vrouw ook grotendeels uit Egmond komt en ik ook erg op gesteld ben, vond ik het aardig deze gezamenlijke liefde in dit artikeltje te benoemen.

Categorieën
Geschiedenis Geschiedenis 1951-1960

Bouwvallen Betondorp tegen de grond

Uit: De waarheid, 12 september 1958

(Van onze verslaggever)

In Betondorp zijn de eerste twee huizen aan de Tuinbouwstraat, die wegens bouwvalligheid moesten worden ontruimd, gesloopt. Nog ongeveer 54 woningen aan de Oogststraat en omgeving zullen eveneens met de grond worden gelijkgemaakt.

Het betreft hier de gemeentewoningen, die in de eerste jaren na de eerste wereldoorlog zijn gebouwd en toen ten voorbeeld werden gesteld als de moderne betonbouw. Het grondmateriaal, zogenaamd koolbeton en een afvalproduct van de vuilverbranding, werd niet ontijzerd en blijkt nu volledig te zijn doorgeroest.

In de loop van de jaren heeft de gemeente wel geprobeerd de woningen wat bij te lappen, maar ze konden van een algehele verwoesting niet worden gered. De bewoners hebben inmiddels een betere woning gekregen.

Categorieën
Geschiedenis Geschiedenis 1951-1960

Het neerslaan van voorbijgangers

Het verdwijnen van de surveillerend straatagent en bijbehorende politieposthuizen baart op 2 maart 1960 een scribent van het Algemeen Handelsblad ernstige zorgen.

Het verdwijnen van de gewone straatsurveillance, de agent met zijn handen op de rug en zijn collega die statig met zijn fiets zijn ronde trapt, bezorgt ons soms angstdromen. Het is nu al zó, dat u in een stille buurt, zoals bijvoorbeeld Betondorp in Amsterdam-Oost […] met een minimum aan risico een eenzame voorbijganger kunt neerslaan. Want de auto-surveillance zal nooit en te nimmer die bescherming kunnen bieden, die de ouderwetse agent-op-elk-blok met zijn politiefluitje van een kwartje bood. […]

De gevolgen? Baldadigheid, losgeslagen jeugd. Ze hebben de kans van hun leven, want oom agent loopt niet meer om de hoek. De opgegroeide blegels, de souteneurs van de binnenstad, de relletjesmakers en de café-uitsmijters met de harde handen, zij hebben een vrijheid zie zij vroeger niet hadden. Er is minder messentrekkerij en er zijn minder vechtpartijen dan vroeger… die bij de politie bekend worden. Maar deze laatste zes woorden worden maar al te vaak weggelaten.

Categorieën
Geschiedenis Geschiedenis 1961-1970

Nozems

Een merkwaardige ingezonden brief treffen we aan in de Leeuwarder Courant van 13 december 1961, waarin door L. de Boer wordt gereageerd op een bericht van een ‘nozem’. De ingezonden brief verwijst onder andere naar de enige tijd eerder in Betondorp gepleegde overval op het postagentschap uit 1959 en is gericht aan twee jongemannen die blijkbaar eerder in de LC schreven over hun nozemschap.

LAAT ONS MET RUST IX

Beste Frans, ik heb met enige verwondering jouw schrijven gelezen en mij daar later over geërgerd. Ik wil je hier een antwoord geven en ook ten dele aan Jacob. Je schrijft, dat je 16 jaar bent en nozem, dit laatste daar ben je geloof ik nogal wat trots op. Fout, volgens mij ben je geen nozem en je weet zelfs niet eens wat dat woord betekent. Jij gelooft, dat een jongen, die jouw leeftijd heeft bereikt of iets ouder, dat hij dan een nozem is. Doch zo is het niet, hoor. Ik ben zelf van mening dat alleen de grote stad en de grotere centra met dit onkruid te maken hebben. De oudere generatie zal er niets op tegen hebben als fatsoenlijke jongens hun eigen leven leiden, hun muziek en alle liefhebberijen meer. Ze misgunt de jeugd ook geen brommer of wat dan ook.

De oudere generatie heeft een bepaalde groep met het woord nozem aangeduid. (ze hadden er zeker geen ander woord voor). Welnu, een nozem is iemand die liever geen werk doet, een beetje op de kosten van zijn ouders leeft en als de mooie jongen langs de straat zwerft. Uit louter verveling hindert hij de voorbijgangers op allerlei manieren, ze racen als gekken op brommers en dan liefst met twee tegelijk door de stad. Dat is één soort nozem en wel de onschuldigste, de andere? Wel, wij weten allen wat enkele jaren terug hier in Betondorp is gebeurd en nu weer in Baarn om van andere dingen maar te zwijgen. Kijk dat zijn nozems en als de oudere generatie daar tegen ingaat, dan kan geen enkele jongen, die zich zelf respecteert, daar iets tegen hebben. Hij zal zich dan wel tweemaal bedenken voor hij zich zelf nozem noemt.

Amsterdam

L. de Boer

Categorieën
Geschiedenis Geschiedenis 1961-1970

Nieuw plantsoen

Uit het Algemeen Handelsblad van 3 januari 1962

VIJVER GEDEMPT MET MINNEKOOS-PLATEAU

(Van een onzer verslaggevers)

Bij het anders zo rustige Betondorp (Tuindorp Watergraafsmeer) grommen de draglines. Zware vrachtwagens voeren verse zwarte aarde naar het plantsoen aan het Onderlangs. De Dienst der Beplantingen, bij grote werken altijd het laatst aan de beurt, grijpt de gelegenheid aan om na de afwerking van de Gooise Weg in één adem door het park aan het Onderlangs opnieuw in te delen. De verbreding van de ringdijk had dat noodzakelijk gemaakt. Bovendien vertoonde het plantsoen gebreken: op verschillende plaatsen waren de vlak na de Eerste Wereldoorlog aangelegde wegen verzakt. Van de verliefde jongelui die weliswaar het hun hoofd in de wolken liepen, werden de voeten hierdoor drijfnat. Tegen de Tweede Wereldoorlog werd de drainage steeds slechter: er kwamen modderkuilen en de bomen groeiden traag.

BEJAARDEN

Bij de nieuwe indeling is rekening gehouden met de samenstelling van de bevolking in het Betondorp. Het dorp is namelijk direct na de Eerste Wereldoorlog gebouwd. Uit donkere stegen en straten trokken de jonge, kinderrijke gezinnen naar de voor die tijd verschrikkelijk verre tuinstad. Het beviel de mensen daar goed, zodat verhuizingen zeldzaam waren.

Het Betondorp heeft daardoor thans een kenmerkende leeftijdsopbouw: er wonen vrijwel alleen bejaarden, (één van de twee scholen moest zelfs gesloten worden omdat er geen kinderen meer waren!). Voor de oudere mensen kan trappenlopen moeilijkheden opleveren, daarom is het ouderwetse plateau (geliefkoosde plaats voor het minnekozen) afgegeraven. De brede stenen trappen langs de dijk waren overbodig geworden en zijn dan ook gesloopt.

Met de vrijgekomen grond van het plateau is de vijver in de speelweide gedempt. Al geruime tijd kwamen klachten van bezorgde moeders en niet zonder reden, een vijver hoort niet thuis in een speelweide. In de toekomst komt er misschien een ondoepe plasvijver voor kleuters.

DRAINAGE

De eerste maatregel tegen de hoge waterstand is dat er enige duizenden kleine, poreuze drainagebuizen zullen worden gelegd. Dat geschiedt machinaal, een fascinerend gezicht. Voorts wordt het plantsoen dertig tot veertig centimeter opgehoogd. De grond daarvoor wordt met vrachtwagens uit de IJpolder of de Diemer Buitendijkse Polder gehaald. Vervolgens wordt een zand- en puinfundering gelegd voor de nieuwe wandelpaden en kunnen de perken en vakken worden afgepaald. Het laatste woord is dan aan de planters: in totaal moeten 20.000 bomen en heesters de grond in. Op de tekeningen staat precies waar de 636 populieren, de 7550 kruipwilgen, de essen, de iepen, de kersebomen en de appelbloesembomen moeten komen.

Tuinarchitectuur kent, evenals de schilderkunst, ontwikkelingsfasen. De laatste jaren was een uiterst strakke, Mondriaan-achtige indeling met grote kleurvakken “en vogue”, maar nu wordt de toon weer iets losser. Cirkels zijn weer toegestaan en daar zal het Onderlangs van profiteren: er komen ronde perken met geraniums, rozen en snijbloemen. De indeling is wat losser, minder symmetrisch.

VEEL GELD

En dan begint voor de nieuwe generatie in Betondorp de taak kindertjes te leren dat zij plantsoenen niet mogen vernielen. Want, lieve jongens en meisjes, het park heeft veel geld en energie gekost, van de tekenaars, architecten, tuinlieden op Frankendael, de machinisten end e chauffeurs. De planten groeien niet gratis in de natuur, jongens en meisje, denk dat niet. Beplantingen berekent dat een grove heester een tot twee kwartjes kost, een fijnere struik kost al twee gulden en voor een boom moet de gemeente vijftien tot twintig gulden neertellen…

Categorieën
Geschiedenis Geschiedenis 1961-1970

Angstaanjagend geloei

Het is november 1962 en de Koude Oorlog nadert zijn hoogtepunt. Groot is bij de bevolking de vrees voor een atoomoorlog. Het valt daarom niet mee wanneer in Betondorp in het holst van de nacht van donderdag 10 op vrijdag 11 november 1962 een oorverdovend geloei aanvangt van de overal in het dorp geplaatste sirenes voor luchtalarm. Het geloei houdt enige minuten aan, waarna het signaal “alles veilig” klinkt.

Terwijl angstige bewoners in hun pyama’s voor het raam staan, herstarten de sirenes hun angstaanjagend geloei. Zal dan eindelijk de Derde Wereldoorlog zijn aangebroken? Lezers van deze website weten dat dit niet aan de hand is geweest. De Derde Wereldoorlog brak niet uit in 1962. Het oorverdovend geloei werd veroorzaakt door kortsluiting. Bewoners slaagden er uiteindelijk in het apparaat stop te zetten.

Aan de dienst Bescherming Bevolking was het hele gebeuren overigens geruisloos voorbij gegaan, blijkt na onderzoekingen van het Algemeen Handelsblad de volgende dag.

Categorieën
Geschiedenis Geschiedenis 1961-1970

Brink krijgt banken

Eind 1963 wordt bekend dat de Brink op de schop gaat. Uit het Parool van 23 december 1963:

Het uit 1928 daterende plantsoen op De Brink in Tuindorp Watergraafsmeer (Betondorp) zal een geheel andere indeling krijgen. Bij de oude situatie, die slechts beoogde een groene aankleiding te geven aan de ruimte tussen de bebouwing, was het plantsoen voor het publiek niet toegankelijk.

In de loop der jaren werd het gazon evenwel door de jeugd toch bespeeld, terwijl voetganger om de weg te bekorten ook dwars over het gazon liepen, waardoor de omringende haag vele openingen kreeg.

Bij de nieuwe indeling van het plantsoen, waarin o.a. nu tegelpaden zullen komen, worden acht banken aangebracht, zodat in de nieuwe situatie De Brink als werkelijk ontmoetingscentrum zal kunnen fungeren.

Ook het Zuivelplein zal op soortgelijke wijze worden ingedeeld, voorzien van banken, terwijl ook hier jaarlijks veel bloemen zullen worden geplaatst.

Categorieën
Geschiedenis Geschiedenis 1924-1930

De Brink in 1928

Deze fraaie foto van Bernard F. Eilers uit 1928 vonden wij in de Beeldbank van de Gemeente Amsterdam.