Henk Sneevliet spreekt

In een eerder artikel schonken we al aandacht aan de Onafhankelijke Socialistische Partij, de OSP. De OSP, opgericht door Piet J. Schmidt en Jacques de Kadt in 1932, is een afsplitsing ter linkerzijde van de S.D.A.P. rond het blad De Socialist (later De Fakkel) en heeft ook in Betondorp enige aanhang. De OSP zal nooit een zetel in de Tweede Kamer of de Amsterdamse gemeenteraad bemachtigen en valt in 1934 uit elkaar na een actieve rol bij het Jordaanoproer.

Een andere kleine linkse partij in die dagen is de Revolutionair-Socialistische Partij (RSP) onder leiding van Henk Sneevliet, die hun eigen orgaan hebben: De Baanbreker. Sneevliet is internationaal socialist en aanhanger van Trotski. Het is Henk Sneevliet zelf die op 24 mei 1932 naar Betondorp komt om propaganda voor zijn partij te voeren. Het onderwerp van de avond is zeer polariserend en richt zich tegen concurrent OSP: “De OSP, haar wezen en haar vakbondstactiek”. In het bijzonder wordt de OSP uitgenodigd haar afgevaardigden naar de avond te sturen, om tegenwoord te kunnen geven.

We kennen helaas hoe de avond in het Meerhuis verlopen is. Wel is het een feit dat OSP en RSP in 1935 fuseren.

Vredesstrijd

Betondorp is in de jaren dertig zeer geschikt om te colporteren en daar wordt dan ook door allerlei organisaties gebruik van gemaakt. Zo demonstreert de Jongeren Vredes Actie op zaterdag 5 maart 1932 in Betondorp. Men spreekt om 14.30 uur af bij de bushalte van de Duivendrechtse brug. Hoe de colportagetocht afgelopen is weten we jammer genoeg niet. Het bericht vonden we terug in Vredesstrijd, orgaan van de Jongeren Vredes Actie van 18 februari 1932.

Eugene aan de dood ontsnapt

Eugene Weusten, die samen met zijn partner Naomi de Rooij via Betondorp Live! heel veel activiteiten in Betondorp organiseert, is maar net aan de dood ontsnapt.

Eugene, die zoals bekend geen benen meer heeft, werd op zondag 7 april 2024 opgenomen op de Intensive Care van het AMC, waar hij een volle week heeft door moeten brengen. Hij is daar inmiddels weer vanaf en volgens een verpleegkundige is hij bij de hemelpoort weggesleept. Wij op onze beurt zijn dankbaar voor het engeltje dat dat gedaan heeft, en hopen dat Eugene weer snel opknapt. Voorlopig ligt Eugene nog op de afdeling interne geneeskunde, moet hij revalideren en kan hij heel beperkt bezoek ontvangen. Neem hiervoor eventueel contact met Naomi op.

Hersttij van het Betondorp

Uit het Algemeen Handelsblad van 21 juni 1956

N.O.T.I.T.I.E.S. onder de Keizerskroon

Herfsttij van het Betondorp

In de juni-avond, met nog wat vriendelijk zonlicht aan de hemel, gingen wij door Betondorp. Tuindorp Watergraafsmeer, om het officieel te zeggen. Er was een man met een grote heggeschaar in de tuin, maar er was niet veel om bij te knippen… zelfs zijn eigen haren niet, die schaars waren en grijs. De ligusterheg stond nog even doods, als de winter haar had achtergelaten, met hier en daar een eenzame levende spruit erin opschietend.

Later, toen de laatste kleur uit de hemelkoepel wegtrok, gingen wij terug, langs de Middenweg. Er reden langs de begraafplaats paartjes op de fiets, de armen innig om elkaar geslagen. Het was de laatste avond van het voorjaar. De tijd vliegt sneller dan u denkt…

Het is niet waar, dat Betondorp nu enkel maar een dorp is met kubisvormige huisjes, van gestorte betonnen muren, met des zomers de wingerd liefelijk omrankend het huis des landmans. Er is een aanzienlijk aantal woningen, aan de Zaaiersweg, aan de Middenweg en zo in een tuit op de Brink toelopend, dat in gewone baksteenbouw is uitgevoerd. Maar de naam Betondorp is niet meer los te wrikken; hij blijft aan het tuindorp Watergraafsmeer klitten.

Demografisch is het tuindorp een merkwaardigheid. Zoals bijvoorbeeld ook Wenen en Enkhuizen dat zijn in een wereld met een snel toenemende bevolking. Enkhuizen, om dicht bij huis te blijven, telde in 1952 méér stemgerechtigden dan bij de jongste verkiezingen. Wenen is nagenoeg uniek onder de miljoenensteden van de wereld omdat zijn bevolking niet toeneemt. Onze oude Grieben Reisefüher van Wenen geeft aan, dat de stad bij de volkstelling in 1912 2.098.225 zielen telde. Men haalt nu amper de 1.800.000.

De Wienerstadt is ver van het Betondorp, maar een feit is, dat er zo omtrent 1924 acht scholen waren. Drie op het Zuivelplein, twee op de Huismanshof; twee houten hulpscholen stonden op de Duivendrechtselaan (aan de westkant, waar nu de nieuwe Gooiseweg wordt aangelegd) en werd nog een christelijke school in het dorp gebouwd. Dat waren er acht in het geheel.

En nu? Een bewoner van Betondorp heeft het ons voorgerekend: er zijn er nog twee in gebruik: een openbare en een christelijke school en de bezetting van de klassen is er geringer dan elders in de stad. Betondorp is oud geworden. De jonge gezinnen, die er zich in de jaren twintig verstigden, zijn er blijven wonen. De kinderen verlieten Betondorp, de ouders bleven de woningen – waaronder zeer veel eensgezinswoningen – trouw. Een der voormalige scholen is ingericht tot het hervormde wijklokaal de Meerboei, in twee andere scholen is “De Vluchthaven” gevestigd.

Ongeveer de helft van het tuindorp bestaat uit gemeentewoningen, de andere helft bestaat uit complexen van Eigen Haard en de Algemene Woningbouwvereniging, ongeveer gelijk verdeeld. Onze zegsman had achttien jaar op toewijzing van een woning door zijn vereniging (volgens rangnummer) moeten wachten. Hij heeft schoolgaande kinderen…

Verenigingen in het tuindorp klagen over het feit, dat ze geen jonge bestuursleden meer hebben. Ook het dorp zelf wordt oud. Althans de betonnen woningen, waarvan er sommige nu duchtig onderhanden moeten worden genomen. Wanneer het daarvoor nodig is, dat de bewoners tijdelijk elders moeten gaan wonen, hebben zij toch het recht na afloop van het herstel terug te keren. Zij doen dat dan ook, strijk en zet. Eenmaal Betondorper, altijd Betondorper. Maar de tijd vliegt sneller dan u denkt.

Dringende woningnood in de Watergraafsmeer

Nu de eerste subsidies ter beschikking zijn gesteld en Woningbouwvereniging Tuindorp vanaf 1918 gaat bouwen in de De Wetbuurt, hoopt de vereniging spoedig de productie van de bouw van arbeiderswoningen te kunnen opvoeren en ondersteunt dat verlangen met het doen uitgaan van een alarmerend bericht over de schrikbarende woningnood in de Watergraafsmeer, dat onder andere geplaatst wordt in De Tijd van 14 december 1918.

Woningnood. – De Bond van Arbeiderswoningbouw-Vereenigingen schrijft ons:

Een onzer leden, de vereeniging “Tuindorp” te Watergraafsmeer, heeft een onderzoek ingesteld naar de dubbele bewoning in een deel dier gemeente met het volgende resultaat: In de De Wetbuurt, een uitsluitend arbeiderswijk, bevonden zich in totaal 319 woningen, waarvan 47 of 15 pCt. dubbel bewoond waren. Er huisden in deze dubbel bewoonde woningen 93 gezinnen met totaal 342 personen, waaronder 72 kinderen beneden de 7 jaar. De gezinnen bestonden soms uit 19-14-10 en 7 personen. In één woning woonden gedurende eenigen tijd drie gezinnen, in een ander hokten 19 personen samen, waaronder 7 kinderen van minder dan 7 jaar, zoodat behalve deze de ouders en nog 8 jeugdige personen boven de 7 jaar ’s avonds en ’s nachts in deze woning een rustplaats moesten zoeken. Een gezin vond een legerstede op een gedeelte van een zolder, waar tevens niet minder dan 23 konijnen huisden. Aan dezen misstand werd na het bekend worden door de politie spoedig een eind gemaakt, door de verwijdering van de lieve knaagdieren te gelasten.

Om in dezen dringenden woningnood te voorzien, zal de woningbouwvereeniging “Tuindorp” spoedig een voorschot van het bouwen van 67 woningen en 2 winkelhuizen bij den raad aanvragen.

Kwetterende rovers

Op 2 april 1980 wordt postagentschap en sigarenwinkel op de Landbouwstraat, in beheer van Jan Jansen, bezocht door een grote groep mensen: Tohir R. en zes vrouwen. Deze personen zijn afkomstig uit Lelystad en zigeuner. Terwijl de winkelier afgeleid wordt door de rest van het gezelschap, sluipt een der vrouwen naar de kluis, weet deze te openen en gaat er met 56.000 gulden vandoor, waaronder 22.000 gulden privé-kapitaal van Jansen. Er volgt nog een korte schermutseling, waarbij de sigarenwinkelier zijn geld probeert terug te krijgen, maar de groep is snel buiten en ontsnapt. Een achtervolging samen met een nabije slager heeft kent geen resultaat. Wanneer Tohir R. later door de politie wordt aangehouden, is niets meer van de buit terug te vinden.

In deze tijd is de rechter mild. Dochter Luba, 18 jaar, die het geld uit het kluisje haalde, krijgt een straf van 16 weken tuchtschool, precies de periode van voorarrest, zodat zij direct weer vrijkomt. De overige dieven krijgen lagere straffen, zodat ook zij vanwege het voorarrest direct op vrije voeten komen. Het geld is en blijft verdwenen.